NMvW



Zoekresultaat





1 treffers gevonden | ga naar nr.  

Vaste opstelling: Anthropologie en Praehistorie (1927-1946)

1927/1946




De afdeling 'Anthropologie en Praehistorie' van het Volkenkundig Museum bevond zich op de eerste verdieping (toen tweede omgang genoemd), in de voortorenkamer, gelegen tussen de afdelingen Nieuw-Guinea en Tropische Gezondheidsleer. De afdeling was, tezamen met de rest van de afdelingen op de eerste verdieping, vanaf 17 oktober 1927 geopend voor publiek.

Op deze afdeling werden de thema’s antropologie, prehistorie én stenen tijdperk gedemonstreerd aan de hand van een aantal torso’s en borststukken van Indonesiërs naar het leven genomen en afgietsels van de meest bekende voorhistorische schedels. Het stenen tijdperk werd geïllustreerd door voorhistorische stenen bijlen en gereedschap maar ook door hedendaags etnografisch materiaal van de berg-Papua's uit het centrale bergland van Nieuw-Guinea over wie gesteld werd dat zij nog geheel in het stenen tijdperk leefden. Deze verzameling werd toegelicht door foto’s van de etnograaf C.C.F.M Le Roux genomen in 1926-1927 tijdens de Nederlands-Amerikaanse Centraal Nieuw-Guinea expeditie die onder meer door het Nassaugebergte trok. Vermoedelijk werden de foto’s van Le Roux als transparantfoto’s/diapositieven aangebracht op de ramen, gelijk de overige afdelingen, zie inventarisnummer 60054860.

Naast deze recente foto’s was er op de afdeling ook beeldmateriaal aanwezig waarmee het museum het verre verleden tastbaar probeerde te maken. Zo toonde een wandvullende schildering vervaardigd door Hendrik Paulides van links naar rechts bezien: een voorstelling uit de prehistorische tijd van Europa via de illustratie van een Zwitsers paaldorp (zie: 10000238), een gezicht op een nederzetting van berg-Papua’s in centraal Nieuw-Guinea (zie: 10000237) en een beeld van een dorp van paalwoningen aan de oevers van het Sentanimeer op de Noordkust van Nieuw-Guinea (zie: 10000236). In deze laatste voorstelling waren op de voorgrond een paar Papua’s bezig met stenen bijlen een prauw te bewerken, het museum legde zo dus een direct visueel verband tussen de 20ste eeuwse Papua’s en het Europese stenen tijdperk.

Er was aandacht voor alle facetten van de fysische anthropologie, waaronder schedelmeting en –vervorming, grafvondsten en opgravingen, schedelversiering bij de Dayak en Papua’s, de traditie van de korwar en de meest recente inzichten omtrent de verwantschappen tussen de diverse bevolkingsgroepen van Nederlands-Indië werden op deze afdeling gepresenteerd.

De afdeling stond vermoedelijk tot midden jaren ’40 van de 20ste eeuw, in 1944/’45 vond een herinrichting van de tweede omgang plaats waarbij voornamelijk de wijze van uitstalling werd gemoderniseerd. In 1950 werden de prehistorische voorwerpen opnieuw gerangschikt en ondergebracht in een daarvoor ingerichte ruimte en werd een begin gemaakt met het samenstellen van een antropologische kamer. Het is vooralsnog onduidelijk naar welke museumruimte beide afdelingen verhuisden en of ze nog in elkaars verlengde lagen.

Literatuur:
-Kleiweg de Zwaan, Prof. Dr. J.P. Gids in het Volkenkundig Museum, VI. Praehistorie en Anthropologie. Koninklijke Vereeniging Koloniaal Instituut, 1928


duurzame link naar dit object  


   

NMvW