NMvW



Zoekresultaat





1 treffers gevonden | ga naar nr.  

Volken in de Gouden Driehoek

1984-12-13/1985-04-14




Tentoonstelling in het Tropenmuseum: "Volken in de Gouden Driehoek". Van 13 december 1984 tot na Pasen 1985 is in het Tropenmuseum in Amsterdam een tentoonstelling te zien over kleding en sieraden van zes bergvolken in het Noorden van Thailand. De collectie werd in de loop van 15 jaar verzameld door Hans-Jörg Mayer en Mimi Lipton. De collectie betreft de 'Karen', de 'Akha', de 'Lisu', de 'Hmong', de 'Mien' en de 'Lahu', vrijwel allen na veel omzwervingen vanuit Zuid-China aan honderd tot hondervijftig jaar gelegden in Thailand terecht gekomen, in de uitlopers van het Himalaya-gebergte. Elk van de groepen heeft zijn eigen taal, godsdienst, kleding en historische achtergrond. Deze volken zijn zich sterk bewust van hun culturele identiteit, die onder andere zijn uitdrukking vindt in kleding en sieraden, waarmee zij zich onderscheiden van anderen, zoals de 'Thai' in de laagvlakten. Vooral indrukwekken zijn de met zilver bezette mutsen van de 'Akha'-vrouwen, de mutsen worden zelfs bij het werk op het land niet afgezet. Wel wordt er dan een beschermende muts overheen gedragen tegen het stof. De sieraden vertegenwoordigen het vermogen en dragen bij tot de status van de familie; zij bewijzen dat het gezinshoofd in staat is zijn familie te onderhouden. De tentoonstelling geeft eveneens een beeld van de ingrijpende veranderingen die plaatsvinden door invloeden vanuit de Thaise samenleving en de Thaise overheid. Deze invloeden zijn in de eerste plaats merkbaar in het sociaal-economische leven. De volken in de Gouden Driehoek zijn afhankelijk van een vorm van zwerf-landbouw, waarbij steeds een nieuw stuk bos wordt gekapt engebrand. Deze aantasting van het bos en de grond wil de Thaise overheid tegengaan door herbebossings projekten en het bevorderen van irrigatie-landbouw, die de grond veel minder uitput en waarvoor het bos niet verder gekapt behoeft te worden. Het belangrijkste voedsel voor de volken in Noord-Thailand is rijst. Hun belangrijkste handelsgewas is papaver, waaruit ruwe opium wordt gemaakt. Ondanks het verbos van de Thaise regering in 1959 op de papaverteelt en opiumproduktie, vindt het nog steeds plaats vanwege de hoge opbrengsten, vandaar de naam Gouden Driehoek voor dit gebied. De Thaise overheid tracht als vervangingkoffie, thee, tabak en fruit, waaronder aardbeien, te introduceren. De Nederlandse overheid steunt dit streven ondermeer door de mogelijkheid om koffie commercieel te verbouwen in de bergen van het Noorden te onderzoeken. (Persinformatie Koninklijk Instituut voor de Tropen. Stafbureau PR en Voorlichting. 31 oktober 1984)


duurzame link naar dit object  


   

NMvW